02 Inrichting Arbeidsplaatsen
 >  Vrije ruimte bij wegwerkzaamheden
Discussie > Bespreek het met je collega's!

Voorbeeld van een bijna ongeval

Een medewerker heeft zich bij de bewegwijzering gesneden aan een scherpe rand van aangeleverd materiaal. Materialen die onder andere bij bewegwijzering worden gebruikt kunnen scherpe randen hebben door het plaatstaal dat is toegepast. Om verwondingen te voorkomen moet bij het optillen en plaatsen van dit soort materialen daarom altijd handschoenen worden gedragen.

Introductie

De plaats waar we aan het werk zijn wordt de bouw- of werkplaats genoemd. De bouw- of werkplaats kan een afgesloten terrein zijn, geheel gelegen buiten het verkeer. Maar de bouw- of werkplaats kan ook geheel of gedeeltelijk in het verkeer liggen. Om er dan voor te zorgen dat men veilig kan werken worden tijdens de uitvoering van de werkzaamheden tijdeljke verkeersmaatregelen toegepast.

De tijdelijke verkeersmaatregelen worden niet alleen om de bouw- of werkplaats geplaatst. Voor de veiligheid van de wegwerker wordt een veel groter gebied afgebakend. Die extra ruimtes worden de ‘vrije’ ruimte en ‘de veiligheidsruimte’ genoemd. Het totale afgebakende gebied noemt men het werkvak. Een bovenaanzicht met alle benamingen die bij een standaard wegafzetting worden toegepast is weergegeven in de afbeelding hiernaast.

Een werkvak, omgeven door een langsafzetting met waarschuwingen (zoals afzethekken) bestaat uit:

  • de bouw- of werkplaats (= de werkruimte);

  • de veiligheidsruimte;

  • de ‘vrije’ ruimte.


De lengte van de veiligheids-ruimte voor de werkruimte wordt als volgt bepaald (zie schema).

Als een bestuurder niet oplet en de wegafzetting niet tijdig waarneemt, ramt deze allereerst de afzethekken. Vervolgens schrikt hij/zij “wakker” en krijgt hij/zij tijd om te reageren.

De bedoeling van de veiligheidsruimte is dat het voertuig tot stilstand komt, voordat deze de werkruimte bereikt.

De veiligheidsruimte bevindt zich voor en achter de werkruimte. De lengte ervan is afhankelijk van de gemiddelde snelheid van het verkeer op de weg waar de wegafzetting wordt geplaatst. De verschillende lengtes staan vermeld in de (nieuwe) CROW-publicaties “Werk in uitvoering 96a/96b”.

De ‘vrije’ ruimte ligt tussen de werkruimte en de langsafzetting. De langsafzetting scheidt het werkvak van het langsrijdende verkeer. De langsafzetting maakt geen deel uit van de ‘vrije’ ruimte. Volgens de nieuwe richtlijnen “Werk in uitvoering 96a/96b” bedraagt de breedte van de ‘vrije’ ruimte bij werk in uitvoering bij de toepassing van kegels en geleidebakens (is een open afzetting) minimaal 0,60 m (1). Achter een barriër (is een gesloten afzetting) wordt geen vrije ruimte gehanteerd. Een dwarsprofiel van een standaard open wegafzetting (met geleidebakens) met daarin de ‘vrije’ ruimte is afgebeeld in de rechter afbeelding.

De ‘vrije’ ruimte dient als vluchtroute bij eventuele calamiteiten. Onder “normale” omstandigheden mogen hier dan ook geen obstakels aanwezig zijn. Dit betekent dat alle machines (inclusief draairuimte), de opslag van materiaal en materieel, de stalling van voertuigen en keten zich in de daarvoor bestemde werkruimte dienen te bevinden. Dit geldt ook voor ons zelf.  Niets en niemand mag zich in de ‘vrije’ ruimte bevinden, dus ook geen wegwerkers. Dit houdt in dat iedereen -ook de asfaltafwerker- bij toepasssing van kegels en geleidebakens zijn werkzaamheden binnen de werkruimte maar buiten de ‘vrije’ ruimte moet (kunnen) uitvoeren.

Ondanks dat de werkzaamheden het in de praktijk niet altijd mogelijk maken om hieraan te voldoen, verzoeken wij iedereen met klem hier toch op te letten. Dit voorschrift is immers niet voor niets opgesteld. Daarnaast zijn de boetes die de arbeidsinspectie bij overtredingen aan de dader en de werkgever uitdeeld niet gering.

Blijf voor je eigen veiligheid UIT de 'vrije ruimte' !!!