09 Specifieke werkzaamheden
 >  Werken op of langs het spoor
Discussie > Bespreek het met je collega's!
  • Ik heb een digitaal veiligheidspaspoort.
Introductie

Werken nabij het spoor is werken in een andere omgeving dan gebruikelijk. Een auto of fietser kan snel uitwijken of remmen als er door werkzaamheden iets gebeurt op weg of fietspad.Een trein kan dit niet. De trein heeft hoge snelheden (140 km/u), een zeer lange remweg (1500 meter) en in een trein zitten veel mensen (260+). Daarnaast hangt er vaak een bovenleiding met hoge spanning (1800V of 25kV). Om de veiligheid van werknemers en passagiers te beschermen zijn er daarom veel “spoorse” regels waaraan gedacht moet worden. De belangrijkste worden in deze toolbox behandeld

Risico's > Wat kan er gebeuren?
  • Anrijdgevaar
    • Treinverkeer (langs de baan en op het perron)
  • Wegschietende voorwerpen
    • Rondvliegende deeltjes
    • Voorwerpen onder druk
    • Voorwerpen die wegwaaien (luchtdruk trein)
  • Valgevaar
    • Werken aan bovenleiding
    • Onderhoud aan hoge seinen
  • Geluid
    • Gebruik machines en gereedschappen
    • Omgeving
  • Weersomstandigheden
    • Onweer/bliksem
  • Werken aan de bovenleiding
    • Elektrocutie
Maatregelen > Wat moet je doen?

Bovenleiding;

  • Het is verboden om binnen 1,5 meter van spanning voerende delen te komen, er staat 1800 V of 25 KV op.
  • Als u voor werkzaamheden toch binnen 1,5 meter van spanning voerende delen moet komen dient u afdoende maatregelen tegen elektrocutiegevaar te treffen.
  • Dit is schakelen en aarden volgens een op te stellen aardingsplan door een WV-er (werkverantwoordelijke)
  • Staat de hijskraan of heistelling zodanig opgesteld dat bij omvallen hij de bovenleiding kan raken moet de kraan geaard worden
  • Er dient dan periodiek een toezicht door EV (Energievoorziening) gehouden te worden om de bovenleiding te beoordelen op elektrocutie gevaar.
  • Bij 1800V gelijkstroom moet aan spoor en geslagen aardpen geaard worden bij 25 kV volstaat alleen aarden aan een geslagen aardpen. (een stalen buispaal of damwand kan gebruikt worden i.p.v. de geslagen aardpen).

PBM;

  • Gele helm (wit voor leidinggevenden)
  • Geel veiligheidsvest, bij slecht zicht en in donker lange mouwen ook verplicht, tevens reflecterende werkbroek (trein en metro).
  • Veiligheidsschoenen.
  • In het bezit zijn van een DVP (ProRail VTOS en GVB VTOM).

Instructie;

  • Wanneer u in zone A of B aan het werk gaat heeft u een spoorspecifieke instructie ontvangen via de spoorwegveiligheidsorganisatie van het project. Dit geldt voor het werken langs de baan alsmede op het perron.